
Het behouden van (talentvolle) medewerkers is een hele uitdaging voor veel bedrijven. Oorzaak hiervoor is ondermeer de vergrijzing van de beroepsbevolking en het feit dat loyaliteit naar het bedrijf waarvoor je werkt steeds minder als maatschappelijke norm geldt. Zo is het zogenaamde job-hoppen uitgegroeid tot een van de belangrijkste trends van de nieuwe economie. Monsterboard.nl bijvoorbeeld, speelt hier als online aanbieder van banen handig op in (“want er is altijd wel ergens een betere baan”) met onder andere televisiecommercials, zoals “Heb jij wel de juiste baan?” of “Hop, naar je nieuwe job!”
Behoud van personeel is vooral belangrijk voor beroepsgroepen waarvoor geldt dat de vraag naar personeel groter is dan het aanbod, oftewel, waar sprake is van een krappe arbeidsmarkt. Dit is bijvoorbeeld het geval voor de verpleegkundige beroepsgroep. Het tekort aan verpleegkundigen dreigt zelfs alleen maar groter te worden, met het oog op de vergrijzing.
In het onderzoek “Verpleging Centraal”, dat in opdracht van De Ziekenhuisketen in 2008 van start gegaan is, kijken we naar mogelijke oorzaken van vrijwillig verloop van verpleegkundigen. Hierbij focussen we vooral op de invloed van sociale aspecten, zoals de invloed van collegiale verhoudingen, op verloopintentie van medewerkers. Meer specifiek hebben we gekeken naar de mate waarin collega’s vrijwillig bereid zijn een medewerker te helpen. Wanneer verpleegkundigen bijvoorbeeld opmerken dat een collega het erg druk heeft, kan het een aanzienlijke verlichting van de werkdruk van de collega betekenen als deze verpleegkundigen hun hulp aanbieden aan de collega. Het vrijwillig aanbieden van hulp aan elkaar kan worden gezien als het investeren in collegiale verhoudingen en verstevigt onderlinge relaties. Sterke sociale relaties met collega’s kunnen een werknemer ervan weerhouden het bedrijf te verlaten.
Met behulp van de zogenaamde sociale netwerkbenadering hebben we gemeten in welke mate collega’s elkaar vrijwillig hulp aanbieden. Hierbij heeft elke verpleegkundige voor elke collega afzonderlijk aangegeven in welke mate hij/zij vrijwillige hulp ontvangt van elke collega. In dit onderzoek participeerden 150 verpleegkundigen die werkzaam zijn in twee van de ziekenhuizen van De Ziekenhuisketen.
Naast de vraag of onderling helpgedrag invloed heeft op verloopintentie van medewerkers, hebben we ook gekeken of (a) de mate waarin medewerkers voor het adequaat uitvoeren van hun taken afhankelijk zijn van collega’s en (b) de mate waarin medewerkers graag bij een groep willen horen de relatie tussen helpgedrag en verloopintentie beïnvloeden. De mate waarin medewerkers graag bij een groep willen horen behelst de mate waarin medewerkers graag met anderen samenwerken, nadenken over de kwaliteit van de relaties die ze hebben met anderen en in welke mate deze personen acties ondernemen om aardig gevonden te worden.
Uit het onderzoek blijkt dat onderling vrijwillig helpgedrag inderdaad de verloopintentie van medewerkers verlaagt. Verder blijkt dat, als een medewerker voor het adequaat uitvoeren van taken meer afhankelijk is van anderen, het ontvangen van vrijwillige hulp van collega’s nog sterker leidt tot een lagere verloopintentie. Voor deze ‘taakafhankelijke’ personen is het namelijk extra belangrijk om een goede relatie met collega’s te hebben, omdat het voor het goed uitvoeren van taken noodzakelijk is om hulp te ontvangen van collega’s. Wanneer men vrijwillige hulp ontvangt van collega’s, zal men hoogstwaarschijnlijk voor de noodzakelijke hulp bij het uitvoeren van taken eveneens kunnen rekenen op deze collega’s. Tevens blijkt uit het onderzoek dat voor medewerkers die graag bij een groep willen horen, het ontvangen van vrijwillige hulp van collega’s ook sterker leidt tot een lagere verloopintentie voor deze medewerkers. Het ontvangen van hulp is voor medewerkers die graag bij een groep willen horen een teken dat ze aardig worden gevonden, wat voor deze werknemers heel belangrijk is en waardoor hun verloopintentie lager wordt.
Dit onderzoek laat zien dat wanneer men schaars personeel wil behouden, men ervoor dient te zorgen dat werknemers bij het uitvoeren van hun taken de kans krijgen en gestimuleerd worden om elkaar vrijwillig hulp aan te bieden. Dit is vooral nodig wanneer men medewerkers wil behouden die voor het uitvoeren van hun taak sterk afhankelijk zijn van collega’s en/of die het hebben van goede relaties op het werk heel belangrijk vinden en daar veel mee bezig zijn.
Voor meer informatie over het onderzoek Verpleging Centraal kunt u contact opnemen met Gerdien Regts of Eric Molleman.

